zondag 13 april 2014

Een goede start van het school-moestuinieren op de basisscholen van Maastricht.


Op 1 april ging het moestuinseizoen dus weer van start. Als educatief medewerker bij het CNME Maastricht en regio, mag ik die lesbegeleidingen verzorgen. Ik had hier speciaal vakantie voor aangevraagd, zodat ik op de verschillende scholen een goede start kon maken. Waarschijnlijk ben ik een van de weinige mensen die haar vakantie gebruikt om te werken. Dat klinkt misschien als een paradox, maar dat is het echt niet. Dit werk geeft mij zoveel voldoening en vreugde, dat ik er een heleboel energie van krijg.
Nog steeds voel ik mij van binnen een echte juf. Met vreugde denk ik dan ook terug aan de tijd dat ik dagelijks voor de klas stond. Nu met kinderen uit heel Maastricht educatief in de natuur en met moestuinen te kunnen werken, is heerlijk!

Als leerkracht op een basisschool heb je het superdruk en moet er een heleboel geregeld worden omtrent de klas en lesstof. Ik zie mijn taak dan ook vooral de leerkracht zoveel mogelijk te ondersteunen en zoveel mogelijk het werk in moestuinen te verlichten. Daarnaast is het heerlijk om te zien wat het werken in de natuur bij kinderen allemaal losmaakt en aan ontwikkeling bevordert. Er ontstaat aandacht en respect voor groeiende plantjes, ze worden stil tijdens het werk en zijn voorzichtig waar ze hun voeten neerzetten. Er ontstaat trots op de planten die ze zelf geplant en verzorgd hebben en het respect voor de natuur neemt toe. Ze zien meer diertjes en ontdekken welke rol ze hebben in de natuur. Milieu bewustzijn in het leven staan zou een logisch gevolg kunnen zijn. Al lukt het maar om 1 kind per jaar bewuster te maken van de natuur en zijn eigen milieu, dan is dat voor mij al meer dan genoeg. Alles daarboven is mooi meegenomen.

Het is soms lastig om contact te krijgen met de verschillende scholen. Ik wil mij zeker niet opdringen, maar tegelijkertijd wil ik ook geen kansen laten liggen. Na gemaild te hebben, toch nog eens op te bellen of gewoon maar langs te gaan, blijkt wel prima te werken. Als ik even aan de bal blijf, zijn de scholen toch wel heel blij met de geboden mogelijkheden van begeleiding.



Zo was een meester echt blij te kunnen kortsluiten en overleggen. Hij was al enthousiast aan de slag gegaan en had in maart al een heleboel voorgezaaid. Alles wat aanbevolen was op de site van de CNME had hij opgevolgd, maar hij was een beetje vroeg begonnen. De sperziebonen waren al 15cm hoog en stonden wel met z’n zessen op 1 cm2. Dat vroeg dus gelijk om een lesje in verspenen. Het verhaal van babyplantjes die voor het eerst in een groter bed zouden komen, sprak de kinderen wel aan. Iedereen was super voorzichtig met de jonge plantjes en de breekbare worteltjes. 

Op Youtube had ik een duidelijk filmpje gevonden dat op het smartboard te zien was. Toch was een duidelijke instructie ook nog wenselijk en daarna bleven de kinderen ook steeds vragen of ze het zo goed deden. Ze doen echt heel erg hun best. Een heerlijke les dus. Het verhaaltje over dat ene zaadje dat maar niet durfde te groeien en uiteindelijk door kip gegeten werd, kreeg het compliment een echte “cliff-hanger” te zijn! De meester kreeg nog  een handig zaaischema, waar hij ook blij van werd. Het boek  ‘je eigen groentetuin op 1m2" gaat hij ook ter hand nemen. De samenwerking tijdens de les was heel plezierig en hij stelde mijn enthousiasme op prijs.


Van 1 school hoorde ik maar steeds niets, en ik heb er vorig jaar iet 1x mee gewerkt…. Zo jammer. Dat wilde ik dit jaar voorkomen. 
Afgelopen dinsdag kwam ik met iemand in gesprek die mij vertelde dat de klas op woensdagochtend de tuin in zou gaan. Ik zorgde dat ik om die tijd op de school was. De juf was ontzettend blij mij te zien. Haar collega tuinierde namelijk voorheen  altijd met haar klas, en dit jaar was de eerste keer dat deze juf aan de slag zou gaan met haar klas. Ze vertelde er niets vanaf te weten dat er begeleiding van het CNME mogelijk is. Zo jammer dat de mails haar niet bereikten. Natuurlijk heb haar adresgegevens gelijk toegevoegd en ook die van haar collega bijgewerkt. Het werd een superfijne ochtend. Met groep 2, twee juffies en twee klassenassistentes liepen we met de hele groep kleuters naar de markt waar plantjes gekocht werden. Vervolgens zijn we naar een schitterende stadstuin gelopen die als het ware in de stadsmuur ligt.


Een schitterende plek! Stenen banken waar de kinderen kunnen zitten en even naar een verhaal of instructie kunnen luisteren, een gedeelte bloementuin, met paden en een vijver, en een gedeelte met tuintjes waar groente en kruiden mogen groeien.
In de tuin mocht ik de kinderen vertellen over de plantjes die we gekocht hadden. Natuurlijk koppelde ik het gelijk aan eten op je bord. Dat sprak wel aan. Onder de plantjes zat ook een lavas, oftewel maggiplant, en ik vertelde dat die plant heel erg groot kon worden. Zelfs groter dan dat ik ben. We sloten een kleine weddenschap af; als het plantje voor de grote vakantie niet zo groot is als mij, dan trakteer ik op frambozen uit mijn eigen tuin. 

Op een andere school wordt ook midden in de stad getuinierd in een oude kloostertuin. Dat is een school die al heel lang tuiniert met klassen. Toch was het goed dat ik er afgelopen week even ging kijken. Er was nu namelijk een juf die al drie jaar niet meer met haar klas naar de tuin was geweest, en toch wel blij was dat er iemand bij was die af en toe een tip gaf, meedacht en enkele vragen kon beantwoorden.



Deze week hoorde ik van John dat United Word collage ook gaat moestuinieren en dat aan hun ook begeleiding toegezegd is. Daar zal ik dus ook naar toe kunnen gaan. Fantastisch! Kan ik gelijk zorgen dat mijn Engels op pijl blijft. Wel even de plantennamen oefenen voordat ik daar naar  toe ga. Dat is toch anders dan gewoon converseren. 

Eigenlijk zouden de meeste scholen het geweldig vinden wanneer er iedere week of iedere tweede les begeleiding aanwezig zou kunnen zijn. Nu is het zo dat het CNME maar een beperkt aantal uren beschikbaar kan stellen voor dit doel. Ik ben blij  wanneer ik alle scholen twee tot drie keer voor de grote vakantie heb kunnen bezoeken. Maar wie weet zal er in de toekomst toch een bredere ondersteuning mogelijk zijn.  

maandag 7 april 2014

Mijn groene ontwikkeling


Ik heb 3 weken vakantie, en ik geniet iedere dag met volle teugen.
Mijn vakantie is namelijk gevuld met werk op scholen aan moestuintjes en activiteiten met vrienden. Dit zijn nu precies dingen waar ik blij van word.
Momenteel ben ik (nog) in de bevoorrechte positie van het hebben van twee banen. Mijn hoofdbaan is in De Beyart, daar werk ik 28 uur in de week als verpleegkundige. Deze baan stopt echter op 1 juni….
Daarnaast werk voor het CNME Maastricht en Regio. De basisscholen in Maastricht hebben recht op begeleiding van het CNME als ze zich bezig houden met moestuinieren.
Vorig jaar heeft Aurora mij aan deze baan geholpen. Zij had dit werk het jaar daarvoor gedaan, o.a. ook als stage om haar opleiding mee te kunnen afronden. Vorig jaar was het haar niet mogelijk om dit wederom op zich te nemen en noemde mijn naam. Na een gesprek met John Steins en daarna met Lara Klaassen, ging ik van start.

De tuin van de Aloysius school ligt naast Kumulus. 
In het begin was het vooral aftasten van scholen en leerkrachten. Op de ene school liep het tuinieren al bijna vanzelf. Dat was dan vooral op scholen waar een leerkracht al jarenlang ieder met zijn klas op de moestuin werkt. Op andere scholen waren leerkrachten die wel enthousiast waren, maar eigenlijk niet goed wisten hoe ze nu moesten beginnen. Langzaam ontvouwde zich een baan waar ik veel energie van krijg en voldoening uit put.
Het is dus werk met een grote diversiteit; Aanreiken van informatie door links van websites te mailen of titels van handige en praktische boeken te noemen, nuttige tips geven en stimuleren van enthousiasme, voordoen van werkzaamheden op de moestuin zelf, klassikaal vertellen over de kringloop van een zaadje, verschil uitleggen tussen groente, fruit en kruiden, vertellen over de “kriebelbeestjes” die we in de aarde tegenkomen, enz. Ik kom nu op 11 verschillende scholen van Maastricht. Op de ene school werk ik met groep 2 en op een andere met groep 8…. Alle leeftijden dus.
Het is echt genieten. De klassen en vooral de kinderen, zijn steeds blij als ik mijn gezicht laat zien. Ze hebben wel zin in tuinles. Op verschillende scholen sluit ik de les af met een kort passend verhaaltje van 3 tot 5 minuutjes, dat steeds aansluit bij wat we die dag gedaan hebben.
Hiervoor gebruik ik de verhalen kaarten van Zinnige Verhalen en zoek ik ook op de verhalen Almanak . Vorig jaar heb ik 1 klas geleerd hoe ze met z.g. “bolletjes-tekenen” makkelijk dieren kunnen tekenen toen het onverwachts ging regenen.
Dit is nu het tweede jaar dat ik dit voor het CNME mag doen. Ja, ik zie het echt als een voorrecht dit te mogen doen. Zoveel plezier in je werk hebben is gewoon heerlijk! Sterker nog, de winterstop had mij bijna genekt. Ik mistte het werken met de klassen enorm. Ik begon zelfs allerhande vage lichamelijke klachten te krijgen, zoals beschreven in mijn vorige blog. Nu het seizoen weer van start is gegaan, zijn alle klachten als sneeuw voor de zon verdwenen!
Om dit werk nog meer “handen en voeten” te geven, volg ik nu de opleiding tot natuurgids bij de IVN. Ik slurp alle nieuwe feiten die ik leer op. Het gaat er allemaal in als koek en het lijkt zelfs makkelijk te beklijven. Een beetje alsof de kennis alleen maar gemobiliseerd hoeft te worden.
Daarnaast ga ik mij steeds meer interesseren voor alles wat met stadslandbouw te maken heeft. Steeds vaker lijken mensen die er veel verstand van hebben, aan een noodbel te trekken, en heel langzaam komt er een uitbreiding van bewustzijn, over welke bewegingen er broodnodig zullen gaan zijn in de toekomst. En de noodzaak “om te denken” zal waarschijnlijk veel sneller actueel worden dan verwacht…..
Mijn zoektocht naar meer kennis en verstand van zaken, bracht mij naar thema’s als
“fooddessert-cities” “urban farming, oftewel stadslandbouw” “permacultuur” “cradle to cradle” “voetafdruk” “duurzaamheid”
Al deze informatie maakt dat ik steeds bewuster in het leven kom te staan. Ook mijn prioriteiten veranderen. Om mijn voetafdruk te verkleinen eet ik nu nog maar 1x per 2 weken vlees. Ook probeer ik vooral lokale producten te nuttigen. Eten uit eigen tuin, tuinthee, vlees van kinderboerderij Daalhoeve , streekproducten van lokale marktjes, en ik wil gaan onderzoeken hoeveel rechtstreeks bij de boer te halen valt…. Etc. allemaal dingen die helpen.
In de cursus van de IVN die opleidt tot natuurgids leer ik bovendien nog over geologie, ecologie, fenomenologie, flora fauna, milieu, duurzaamheid….. Ik word hierdoor met de dag “groener” en voel mij daar helemaal prima bij. Ook leer ik steeds meer over stadslandbouw en de lokale ontwikkelingen daarin. Het CNME betrekt mij nu ook bij vergaderingen omtrent dit thema. Dit zijn stuk voor stuk geweldige ontwikkelingen in mijn leven. Ik ben zo benieuwd waar deze weg mij naar toe zal brengen.

Natuurtuin Jekerdal. Hier wordt veel door vrijwilligers gewerkt. 

Voor het IVN cursus moet ik een stageopdracht vervullen. Er waren verschillende opties waar ik uit kon kiezen. Het geven van “kleine beestjes les” op de Jekertuinen Jekerdal zal het voor mij worden. Ik verheug mij al op de kleuters die gaan komen.
Door deze lesjes te geven, zal ik meer in contact komen met Yvonne Veltuis. Zij verzorgt de organisatie en het beheer van de natuurtuin. Daarnaast heeft zij een eigen kwekerij waar ze zelf wilde planten kweekt.
Ik verheug mij erop haar beter te leren kennen en van haar nog meer te leren. Het lijkt mij ook heerlijk om in de natuurtuur Jekerdal mijn eigen handen actief uit de mouwen te steken om mee te werken tussen de planten en met mijn vingers in de aarde te wroeten.

O, wat voelt dit allemaal goed. CNME bedankt voor het geven van deze kans en het vertouwen! Dit werk is voor mij enthousiasmerend en gezond makend! 

vrijdag 4 april 2014

Einde zorg.


Na mijn verblijf in Nepal moest ik hier in NL zo snel mogelijk weer aan werk komen. Ik had geen rode cent aan inkomen en ook nergens echt op…  Op de Stichting Pallas hoefde ik niet te rekenen. Jammer genoeg, want diep van binnen zit nog steeds een overtuigde vrijeschooljuf. Het lesgeven mis ik nog dagelijks.
Nu werk ik dan al weer twee jaar in de zorg als verpleegkundige. Vorig jaar ging het bijna goed fout! Ik raakte steeds meer vermoeid en kreeg allerhande vage klachten. Het onregelmatig werken met avond- en nachtdiensten valt me erg zwaar. Behalve dat omschakelen van het ene naar de andere dienst steeds meer energie kost, is het daarnaast ook nog eens bijna onmogelijk om er een beetje een sociaal leven op na te houden.
Mooie compositie van Beyart aspecten.

Toen ik voor het CNME Maastricht de schoolmoestuin begeleiding mocht gaan verzorgen op basisscholen in Maastricht, kwam daarmee weer een beetje balans in mijn zijn. Ik ben Aurora dan ook erg dankbaar dat ze mij vorig jaar in contact heeft gebracht met John van het CNME. Het buiten werken met groen in de aarde en met kinderen, geeft me veel energie.  Nu zijn we dan weer een jaar verder en merk aan alles dat ik eigenlijk niet lekker in mijn vel zit. Van oktober tot april, lagen de schooltuinen stil. Dus ook geen mogelijkheid om energie te tanken. Ik raakte uit balans. Soms reageer ik echt geprikkeld op een bewoner en verfoei vervolgens mij zelf. Eigenlijk wil ik mijn werk gewoon goed doen, maar werk dat het niet zo goed lukt. Nu zijn er gesprekken geweest met de leiding en ook de werkgever merkt dat ergens een schoen lijkt te wringen. Na verschillende overwegingen zal mijn contract per 1 juni dan ook beëindigd worden.

Tja, en nu? Dat is de grote vraag. Het zal afhangen van mogelijkheden die zich al dan niet gaan voordoen.
In januari was ik heel dicht bij een baan op de vrijeschool in Aken. Ik had gesolliciteerd op een baan voor de nieuwe eerste klas. Het leek erg goed te gaan en ik was erg hoopvol,  maar de keus viel toch op iemand anders. Net aan mijn neus voorbij….oei oei, wat was dat lastig te verwerken! Vooral omdat ik er zo ontzettend dichtbij was geweest. Het zou mij de levenskwaliteit weer teruggegeven hebben…..
Nu werd het werken in de zorg nog lastiger….

Maar goed, nu zijn de schooltuintjes weer begonnen. Ik heb er speciaal vakantie voor opgenomen om zo een goede start te kunnen maken op de verschillende scholen. Wat heerlijk om zoveel verschillende klassen mee te mogen maken. Steeds 1,5 tot 2 uurtjes met een klas en juf of meester te kunnen werken: Handen wroeten in de aarde, kinderen ontdekken, verbazen, verwonderen en leren…… zo ontzettend fijn om te doen. Mijn hele lichaam ontspant zich, ondanks dat ik dus heel actief ben. Een super vakantie op deze manier! Het geeft zoveel energie dat ik ook weer ban gaan dansen. Heerlijk!

Een lesje in het verspenen van zaaigoed. 
Ondertussen betrekt het CNME mij ook meer bij organisatorische zaken omtrent stadslandbouw. Daar ben ik heel blij mee. Ik leer veel. Nieuwe mensen komen op mijn pad en het voelt helemaal goed! De kennis die ik opdoe tijdens de IVN Natuurgidsen opleiding, kan ik ook goed gebruiken. Nu ben ik ook bezig te kijken of ik wat meer verschillende bomen kan gaan herkennen. En ik train mij in vogelzang….. daar zijn ook grappige App’s voor.

Als alles zich voorspoedig ontwikkeld zal ik ergens een nieuwe baan vinden. Het zou fantastisch zijn wanneer zich bij het CNME mogelijkheden voordoen, of op een van de basisscholen waar ik nu als “groene-tuin-juf” kom.
Na in totaal zo’n 20 jaar gewerkt te hebben in de zorg, is het vat aan zorgzame dienstbaarheid echt leeg, kurkdroog! Ik denk niet dat het een goed plan het verder in die hoek te proberen.

OP dit moment geniet ik van alle ontwikkelingen die zich nu voordoen. En verder moet ik maar afwachten wat er verder uitrolt, of waar het schip zal stranden.......
Maar het voelt positief, alsof mogelijkheden nu kans krijgen i.p.v. gebarricadeerd worden..... 

maandag 17 maart 2014

"Magic Fair" op kasteel Limbricht en...... ikke !?!



Vandaag vond ik op Facebook een berichtje van Justus. Hij zou naar een brainstorm vergadering gaan van “magic Fair” Hij stelde de heel directe vraag, of ik daar niet ook bij wilde zijn. Het gaat hier om een dagfestival  op kasteel Limbricht dat ieder jaar gehouden wordt in de maand juli. In 2011 was ik daar via Wil die daar met Nikolai muziek speelde. Toen verzorgde ik er met Justus de dansuitleg bij het folkpodium.
 
2011 De jurk die ik hier draag is niet erg flatteus....
Een nieuwe is dan ook in de maak!
Op FB was al eens iets voorbij gekomen; de aankondiging van het brainstormen en dat “man bijt hond” op zoek is naar mensen die ook hun het dagelijks leven in “magic” sferen leven….
Na even uitgewisseld te hebben met Justus, ben ik daar dus naar toe gereden. Om jullie een ideetje te geven waar het nu precies om gaat, staat er een filmpje op YouTube;
  Vandaag vond ik op Facebook een berichtje van Justus. Hij zou naar een brainstorm vergadering gaan van “magic Fair” Hij stelde de heel directe vraag, of ik daar niet ook bij wilde zijn. Het gaat hier om een dagfestival  op kasteel Limbricht dat ieder jaar gehouden wordt in de maand juli. In 2011 was ik daar via Wil die daar met Nikolai muziek speelde. Toen verzorgde ik er met Justus de dansuitleg bij het folkpodium.

Op FB was al eens iets voorbij gekomen; de aankondiging van het brainstormen en dat “man bijt hond” op zoek is naar mensen die ook hun het dagelijks leven in “magic” sferen leven….
Na even uitgewisseld te hebben met Justus, ben ik daar dus naar toe gereden. Om jullie een ideetje te geven waar het nu precies om gaat, staat er een filmpje op YouTube; 


 Het prachtige kasteel, in zacht zonlicht en omgeven door lentegroen gras,  leek me al toe te lachen en het voelde helemaal goed. De zaal was ook zo gevonden.
Er werd verteld wat er al allemaal geregeld is, en wat nog nodig is. Ook werd er gekeken welke kwaliteiten de aanwezige mensen hebben en hoe die ingezet kunnen worden.
Voor ik het wist stond ik genoteerd om die dag rondtrekkend met de harp en fluitjes muziek te maken en de dansinitiatie, uitleg, voor mijn rekening te nemen.
Op de vergadering werd gemeld dat de Band Tricanelli geboekt is en Justus liet de naam Bert Leemans vallen! Dat belooft wat moois te worden.


Leuk om ineens zo in de organisatie van zo’n festivalletje te rollen.

In de pauze raakte ik aan de praat met Bertien van Oppen. Zij zingt en speelt gitaar. We hebben afgesproken om eens te kijken of we ook iets samen kunnen gaan doen. Komende donderdag komt ze en gaan we samen muziek maken. Het was een vruchtbare middag en er zijn nieuwe kennissen gemaakt.
Binnenkort zal er een knutselmiddag georganiseerd worden. Daar kunnen dan weer andere kwaliteiten en vaardigheden ingezet worden. Heerlijk! Justus, bedankt voor de tip en uitnodiging! Ik ga zo snel mogelijk naar een Stoffenspektakel om de basis voor mijn kostuum bij elkaar te zoeken. 

Ik wil ook graag kwijt dat het enorm fijn was om op zo’n warme manier welkom geheten te worden!
Ah, en ik moet natuurlijk ook even vrij vragen op zondag 13 juli.

zaterdag 15 maart 2014

Project "Schone Maas"



Afgelopen zaterdag was er weer een bijeenkomst van de IVN Natuurgidsencursus. De les werd ingevuld door het project “Schone Maas” dat op de agenda stond. Eerlijk gezegd moest ik er even van bijkomen…..


Het begon allemaal met de aankondiging van John, dat we het niet over mooie dingen zouden gaan hebben. Hij was zelf in het gebied gaan kijken langs de Maas, waar wij een uurtje later de oever zouden gaan opruimen. Hij vertelde dat hij er allerminst vrolijk van was geworden…..en dat was zachtjes uitgedrukt.
De les begon met een lezing van Gijsbert Tweehuijzen die toch zelf live aanwezig was, ondanks zijn drukke agenda.
Hij is een bevlogen man die na heel wat omzwervingen in zijn leven, nu doet waar hij 100% passie voor heeft. Hij heeft aan de TU in Delft gestudeerd, werkte bij DSM met name aan plastic verpakkingsmateriaal, werd leraar aan de HS Zuyd, en nu is hij met een soort van “vervroegd pensioen”.
De lezing ging over plastic. Hoe het een onderdeel is van ons dagelijks bestaan, de ontwikkeling, duurzaamheid, productiekosten ook in vergelijking met andere producten, en de gevolgen van het zwerfafval plastic.
Naast getallen betreffende de productie en gebruiksvriendelijkheid, waar plastic vaak verbazingwekkend positief uit kwam, waren de plaatjes van de gevolgen van plastic zwerfafval vreselijk schrikbarend!
Ook werd er verteld dat op zich plastic niet giftig is, wel kunnen er schadelijke stoffen vrijkomen wanneer het te hoog verhit wordt. Nu is het wel zo, dat dit niet giftige plastic na een tijd lang in zee in het zoute water te hebben rondgedobberd, een heleboel andere giftige stoffen wel gaat absorberen. De giftige stoffen kunnen zich makkelijk aan de koolstof moleculen binden. Veel oud plastic in zee, zou dus eigenlijk  de zee kunnen “ontgiftigen”…… Ware het niet dat veel vissen plastic voor voedsel aanzien en de stukjes groot of klein oppeuzelen. De vissen werken dus als een soort verzamelstation voor giftig plastic.
Naar aanleiding van dit verhaal heeft dhr. Gijsbert Tweehuijzen een stichting opgericht, en hij houdt zich nu vooral bezig met het voorkomen Plastic in de Maas. Oorzaken hiervoor zijn; 
  •             zwerfafval
  •             Illegale stort
  •             Riool overstort
  •             Industriële bronnen

Nu heeft deze meneer een meetbak ontwikkeld waarmee hij kijkt hoeveel plastic afval er in de Maas zit. Wat hij ontdekte is schrikbarend. Hij stelde vast dat er per jaar zo’n 33 ton plastic de zee in stroomt, en dat dan laag berekend en ook alleen nog maar van de Maas!
Er is geen economisch instrument om deze ecologische lekkage aan te pakken! Dat kan alleen met mankracht. Opruimers. Hij noemt deze mensen de echte “Plastic Hero’s”
Voor dit probleem is een brede maatschappelijke ondersteuning nodig.
Bewustwording draagt daar toe bij.
De presentatie die tijdens de lezing gebruikt werd is te zien op de Blog van Wastfree waters 
Na deze lezing gaat de hele groep naar de plek die John uitgezocht had. Boscherveld, achter het hek, aan de Maasoever. Toen we daar aankwamen leek het eigenlijk een hele mooie plek te zijn. We werden uitgerust met werkhandschoenen, afvalknijpers, hesjes (zodat we op zouden vallen), afvalzakken en touw om de zakken mee dicht te binden. Voor de afvoer van het ingezamelde afval werd gezorgd door John.
In twee groepen zouden we naar elkaar toewerken en er was een dik uur de tijd om de handen uit de mouwen te steken.
We liepen naar de aangewezen plek, nog steeds was er alleen prachtige natuur te zien!
Tot….we over de rand van de zandweg konden kijken. Toen werd zichtbaar dat iets verder naar beneden de grond bezaaid lag met afval, de struiken gevuld waren met slierten plastic, stof en heel veel maandverband en incontinentiemateriaal…..het zag er spookachtig uit. Iets dichterbij komend zagen we steeds meer en we raakten stuk voor stuk langzaam ontzet over de omvang van deze vervuiling…..
Vol positieve energie en goede moed, begonnen we aan de klus die ons opgedragen was.
Maar al gauw veranderde de stemming. We werden stil, werkten door en raakten getroffen door wat we er met eigen ogen zagen……

  
We vonden van alles, veel petflessen die eigenlijk makkelijk hergebruikt hadden kunnen worden, ook veel lege blikjes. Ik vond speelgoed autootjes, pluche beesten, wieldoppen en de achterkant van een tv, lege handtas en een stuk schuimrubber leek vastgegroeid te zijn op een boomtak.
Ik was blij dat toen de tijd om was. Natuurlijk was de andere groep bij lange na nog niet in zicht….. er was veel te veel afval om het allemaal opgeruimd te krijgen! Eigenlijk zou iedereen dit eens moeten zien en er eens een uurtje opruimend mee bezig zijn.
Mij maakt het in ieder geval nog veel bewuster van de noodzaak netjes om te willen gaan met afval.
Maar de mate vervuiling daar ter plekke was dermate groot dat het werkelijk deprimerend werkte! Het was vechten tegen de bierkaai. En wat we opgeruimd hebben, was maar een fractie van wat daar nog te doen is.
Wij hadden met de hele groep al 47 zakken vol gekregen!

IVN Natuurgids-cursisten haalden 47 zakken zwerfafval op in een klein uurtje tijd. 

Iedereen kan zich melden bij het CNME om in de natuur op te gaan ruimen, met een groep of gewoon zelf. De benodigdheden zijn gratis te lenen, en de gemeente komt het verzamelde zwerfafval gratis ophalen. Mocht je warmlopen voor zo’n actie bel dan met het CNME tel;  043 321 9941
Ze zijn tegenwoordig gehuisvest aan de Capucijnenstraat 21_C19, 6211 RN Maastricht.
Natuurlijk zou ik het fantastisch vinden als je mij laat weten of jee opruimactie houdt, waar en wanneer. Ik doe mee als er plek voor is in mijn agenda!
Succes!


maandag 3 maart 2014

Mijn passie voor "de Vastelaovend"


Het is carnaval. Ik ben op de Beyart. Nachtdienst.
Buiten druist het carnavalsgeweld. Vanuit het trappenhuis zie ik af en toe verklede mensen langskomen of een “zate Hermenieke”, zo noemen de Maastrichtenaren een Joekskapel.
Ik voel het carnavalsbloed door mijn aderen pompen en stiekem bloedt mijn hart dat ik niet mee hos, maar aan het werk ben. 
Ik denk aan mijn grootmoeder die met de carnaval “Dieke Tiel” genoemd werd.  Van haar heb ik het gevoel voor dit volksfeest mogen leren: Verkleden, mooi maken, deinen op de muziek, liedjes meezingen, het “samen” gevoel met de mensen waartussen je bent opgegroeid, delen wat je bij je hebt aan lekkers, ontmoeten, blij zijn, gezelligheid, gemoedelijkheid…..dat is de carnaval.

Mijn oma was een echte “carnavaleske” Toen er na de oorlog weer voor het eerst gevierd werd, vond mijn opa dat te vroeg en had het mijn oma verboden te gaan vieren…ja… zo ging dat. En mijn oma zou ook braaf thuis blijven! Zou…. Ware het niet, dat ze midden in de stad woonde, vanwaar ze “den Hermonie” door de stad hoorde trekken. Het bloed begon te kriebelen en ze moest er gewoon bij zijn….. Natuurlijk had ze geen kostuum, maar daar wist ze wel wat op. Ze trok de gordijnen van het plafond, gooide de stof om zich heen, maakte haar gezicht zwart met schoenpoets, en sprong zo in “den Optoch van Venloo” Ieder jaar liep oma mee, als “Einzelgänger” en de mensen noemden haar dus Dieke Tiel.  Ze was zwaar, over de 100kg zwaar, en haar naam was Mathilda, zodoende. Ieder jaar een nieuw kostuum, vol creativiteit en vlijt. Mijn oma, mijn voorbeeld.

Mijn vader was ook niet voor de poes. Toen hij verkering had met mijn moeder en haar ophaalde voor een bal, kwam hij daar aan de deur als ballerina, compleet met tutu.

Het hele jaar door denk ik; Ach, die tijd heb ik gehad, maar hoe dichterbij het feest komt, hoe meer het weer gaat kriebelen. En dan zoek ik het ook niet zo direct hier in Maastricht, een stad waar ze ook zo goed carnaval vieren. Maar het trekt me echt naar de Jocussen en Jocussinnen van de Jokushaan. Het is de enige tijd in het jaar dat ik mijn "roots" voel.

Ondertussen stroomt mijn hoofd over van allerhande carnavalsherinneringen. Als kind al op school gevierd. Wij hadden een leraar in de derde klas, die ieder jaar een of twee nieuwe liedjes schreef voor de Wortelpin. Jo Hermans was zijn naam. Een hele fijne leerkracht ook. Zo kende ik al de liedjes die nieuw waren al helemaal van buiten, voor de carnaval begonnen was.
In de tijd dat ik op de MAVO zat, gingen we al op stap. Vaak samen met mijn zus. Ieder jaar was er een bal voor de jongeren op de kazerne, met goed live muziek. Ook “weishoes” werd ieder jaar bezocht. Daar kwamen we dan neefjes en nichtjes en kennissen tegen.

Later gingen we met het hele gezin en de rest van de familie naar “’t Ven” waar de carnavalsbals van de Moeraskwakers, zo super gezellig waren in de feestzaal van Savelkouls, dat een deel van mijn familie van Blerick naar ’t Ven verhuisde. Zelf kreeg ik daar verkering met de zoon van de feestzaalhouder, Bear. Een super aardige jongen, maar hij leek niet degene te zijn waar ik oud mee zou worden. Waarschijnlijk zal ik hem dinsdag wel even zien en spreken. Leuk toch. ;-)
Een jaar nadat het uit was, kreeg ik kennis aan Ton, ook uit het Ven. Hel mooie gerinneringen aan. Waarom het ooit uitging? Tja, dat vroeg ik mijzelf later ook nog wel eens af…..maar veel later, te laat. Maar ja...... 

Altijd kostuums gemaakt. Ieder jaar weer iets anders en nooit gekocht. Heerlijk om me daar in uit te leven. creativiteit te laten vloeien en stromen. 

Op mijn 28ste verhuisde ik naar Zwitserland. Op 1-1-1990 begon ik Muri op de kraamafdeling te werken. Wel had ik al tijdens het sollicitatiegesprek gevraagd, de carnaval vrij te mogen zijn, zodat ik dat thuis kon vieren. Dat was geregeld.
Toen het ergens in februari carnaval werd, stonden mijn lieve Duitse collega’s erop dat ik met hun de dag voor mijn vertrek mee zou gaan de “Smutzige Donstig z’Luzern” Oké….
Om 4:00u ’s ochtends vertrokken we met de trein. De trein zat bomvol! Allemaal verkleed! Drie kwartier later komen we aan in de stad. Al voor dat we het station binnen reden, gonsde het al. De hele stad vibreerde van de massaal rondtrekkende guggenmusiken. Ja, om 5:00u ’s ochtends. “Tagwache” noemt zich dat. Overal Guggenmusik. Na een tijdje realiseerde ik mij dat er maar weinig mensen waten van mijn eigen leeftijd, zo rond de 30, toentertijd. Die bleken dus allemaal vooral in zo’n guggenmusik te zitten. Rond 14:00u was er optocht. Daar heb ik de mooiste kostuums ooit gezien! Fantastisch. Het zelfde jaar heb ik mij dus bij zo’n guggenmusik aangesloten. De Gangelimusig van Muri. Heerlijk. Ieder jaar in juni/juli de lappen stof thuis krijgen om daar, naar voorschrift, een eigen kostuum van te maken. Hieronder een video..... 


In de tijd dat ik hier aan de vrije school voor de klas stond, heb ik wel in Maastricht gevierd. Op school met de kinderen, net zoals ik van mijn leraar geleerd had, iedere jaar de nieuwe liedjes leren met de klas. En de vrijdagmiddag voor de vakantie het grote bal met de hele school en acts van de kinderen. Onze schoolleider Fon speelde dan een soort circusdirecteur. Een heerlijke traditie.
Met Yvette ben ik wel eens in de stad wezen kijken naar de optocht en andere gewoontes van deze prachtige stad, maar gek genoeg blijf ik me met deze dagen steeds erg chauvinistisch te voelen. Iets waar ik de rest van het jaar dus absoluut geen last van heb….



Vanavond had ik eigenlijk dus nog twee uurtjes willen gaan slapen voordat ik naar mijn werk toe moest. Dan zou ik fit genoeg zijn geweest om aansluitend aan de dienst al naar Venlo te rijden, en samen met mijn moeder te ontbijten….. maar dat liep anders.
Er kwam namelijk steeds meer geluid van mijn buren mijn huis binnen. Eerst dacht ik dat ze even thuis waren om iets te eten, maar het werd steeds doller. Toen om 21:00u de muziek, of liever gezegd de bassen van de muziek, zo vol open stonden dat de glazen in mijn kast begonnen te rinkelen, besloot ik te gaan vragen of ze het gebonk wat lager zouden kunnen zetten. Het verdere geluid viel namelijk best wel mee, maar dat gedreun van die bassen…. Pfff, lastig te verdragen.
Maar toen ik bij mijn deur kwam, stak daar een klein briefje in de brievenbus. Mijn buurmeisje had het geschreven.
“Hallo Buren,
Ik vier vandaag mijn verjaardag en tot 24:00u is er muziek.”  Ze hebben de bel niet eens gehoord. De uitzending op de tv was zo niet eens fatsoenlijk te volgen.
Tja, had ik dat nu van tevoren geweten, of gewoon wat eerder, dan had ik daar beter op kunnen anticiperen. Nu ben ik gewoon maar vervroegd naar mijn werk gegaan. Met een rothumeur, ja, dat wel. Ik baal gewoon als een stekker deze nacht. Moet ik gewoon even kwijt, ventileren.
Morgen is dat allemaal weer over, dan kan ik zelf weer mee gaan doen en is alles vergeten. Dan zal ik deinen op de muziek, mee zingen met de liedjes en genieten van alles wat de carnaval mij te bieden heeft.
Nou, eigenlijk is het nu alweer oké. Al dat ophalen van  mooie en feestelijke herinneringen heeft al erg goed gedaan. Zo werkt dat dus blijkbaar….

Alaaf, en wie weet kom ik je vandaag of morgen in Venlo tegen…..maar of je me dan herkent?!?



woensdag 12 februari 2014

Landschapslijn, een opdracht voor de IVN cursus.


12 februari 2014
Melick-herkenbosch-het Broek 



Het is vandaag een mooie dag. Prachtig weer om in de buitenlucht te zijn.
Veel beter weer dan afgelopen vrijdag. Toen hadden wij, Joke Joost en ik, afgesproken om te werken aan onze opdracht voor de IVN natuurgidsencursus. We hebben het verzet naar vandaag vanwege het slechte natte en winderige weer van die dag.
Maar goed ook! Vandaag schijnt het zonnetje. Er staat wel een frisse wind.
We hebben afgesproken bij de molen en wel de standerdmolen  Prins Bernard in Melick aan de waterschei. Het is een graanmolen waar door vrijwilligers graan gemalen wordt. Toen wij er waren hadden we het geluk dat hij draaide. Opvallend was dat er nauwelijks doek op zat, maar door de harde wind draaide hij toch flink.

Wij nemen wat te drinken in het restaurantje "De Meuleberg" dat ernaast ligt. Ondertussen bespreken we wat ons te doen staat en bekijken we de kaarten die Joost meegebracht heeft. Hij heeft de plek uitgezocht. Ook heeft hij een grondboor kunnen lenen van iemand. Heel fijn, want het nemen van grondmonsters is een van de opdrachten.

Na de koffie rijden we van de molen door het dorpje Herkenbosch naar het gebiedje “Het Broek” dat vlakbij ligt aan het riviertje de Roer. Daar aangekomen verkennen we eerst het gebied. Er valt veel te ontdekken.  En het leuke is dat we met z’n drietjes veel meer zien dan we ieder voor zich zouden doen. Ook weten we samen meer en vullen we elkaar aan.
De taakverdeling lijkt heel natuurlijk te gaan.
Zo maak ik zelf de aantekeningen in mijn notitieboekje van alles wat we zien, om daarmee dit verslag te kunnen schrijven. Joost heeft verschillende plattegronden van het gebied bij zich. En Joke ziet erg veel plantjes en heeft ook al een en ander opgezocht op het internet.


Gelijk zichtbaar, is een licht glooiend landschap waar een smal riviertje door meandert. Sappige grasweides begrensd door bomenrijen van populieren, essen en er staan enkele eikenbomen. De wilgen zijn niet alleen geknot, maar is ook heel wat omgehakt. En niet alleen wilgen, iets verderop ontdekken we dat er een viertal populieren ook het lootje heeft moeten leggen. Een behoorlijke kaalslag. Ik vraag me af wat de reden daarvoor is….

Tussen de bomen en langs het water groeien struiken als de braam. Ook zien we biezen en pitrust groeien. De resten van de afgelopen zomer zijn zichtbaar als vergrauwde en verdorde plantenresten. Het is lastig te achterhalen om welke planten het hier precies gaat, zelfs de hulp van onze herboriste Joke, kon iet alle vraagtekens wegnemen.

 






Fauna;
In het water zien we  vallen liggen voor beverratten en muskusratten.
Rattenvallen voor de muskusrat en beverratten. Iets verderop staat een informatiebord met de afbeeldingen van de knaagdieren in het Roerdal erop.  Op mijn telefoon zoek ik nog de bisamrat op, dat blijkt de muskusrat te zijn. We lezen dan ook dat deze dieren tot de familie van de woelmuizen hoort. Grappig he? Ik wist het niet.

We volgen het water. Er is een stilgelegen arm, waar een soort strandje ontstaan is. Het is fijne zand met kiezel.
Een gedeelte van het toestromend water is erg verontreinigd. We vinden iets dat lijkt op purschuim, en alles in het water zit onder een laag van oranjekleurig schuim.


In de wei verderop zien we een kudde schapen lopen. Wanneer we net onderweg zijn, komt er een auto aangereden die midden op het grasland stopt. Het blijkt de herder te zijn met een hulpje en twee border collies. We besluiten er even naar toe te lopen en maken een praatje met de herder. Hij verteld graag over zijn kudde, de honden en de nieuwe lammertjes. Hij houdt er eentje van op de arm. Het kleine ding met superzachte wol, is pas een paar uurtjes oud. Zomaar in de wei geboren. Zo vertederend! De kudde wordt in toom gehouden door de twee border collies. Een van deze harde werkers is al dik 8 jaar oud, maar werkt zich helemaal uit de naad! Thuis of in de auto blijven is voor hem een straf. Sommige schapen hebben problemen met de hoeven. Het heeft nogal geregend de laatste tijd, waardoor de grond erg vochtig is. Enkele staan wat wankel op hun poten.



In het weiland zien we veel molshopen, waarvan er eentje gigantisch groot is. Wel 6-7x zo graat dan de andere molshopen. Het zou hier wel eens heel goed om een echte molskraamkamer kunnen gaan. Joke heeft dit uitgezocht.
Overal zien we ook kleine torentjes van zand, gemaakt door wormen. Verder getuigen
keutels van hazen, konijnen, schapen en koeien van het dierlijk leven op dit stukje land. Ook uitwerpselen van honden komen we tegen.
Waneer we de bomen langs het water bekijken, zien we een rode verkleuring op de bast. Ook de grond verderop is rood verkleurd. Waarschijnlijk is het water behoorlijk ijzerhoudend. in het zand zien we sporen van watervogels en hondenpoten.
Tussen het gras en de kleine brandnetels zien we iets wat we niet kunnen thuisbrengen. Het lijkt op vergaan gras of haren…. We nemen er iets van mee om het later uit te zoeken.
Verder zien we elfenbankjes op stervend hout, mossen en kostmossen, veldkers, hondsdraf, zuring, brandnetels, (kruipende) boterbloem, muur in bloei, en
Braam, biezen, pitrust, rietsoorten. De katjes lopen uit, staan al in bloei en kondigen de
aankomende lente aan, net als de bloeiende paardenbloem.

Ook vinden we een stukje schors, mos en een schijf van een omgezaagde populier. Dit zullen we tijdens de presentatie gebruiken.
In de lucht zien we Aalscholvers en ganzen vliegen. Waarschijnlijk al op zoek naar een slaapplek. Verder zien we een ijsvogel bij een stijl stukje oever, en horen we aan de overkant het water verschillende vogels hun lied zingen. Hieronder ook de koolmees en merel.

Tijdens deze ontdekkingsreis is de zon al een stuk lager aan de hemel gaan staan. De neus wordt koud door de toegenomen wind, die toch wel wat frisjes is. Maar lang zullen we het niet koud hebben. We besluiten n.l. om in de lijn van de hoogspanningsdraden die over het land hangen de grondboringen uit te voeren, dat is makkelijk op de kaart weer terug te vinden. Van de fysieke inspanning krijgen we het snel lekker warm.

De eerste boring nemen we vlak bij het water. De grond die we hier boren, bestaat vooral uit klei grond. Vaste vochtige plakkende klei. Na zo’n 50cm komen er keizelstenen in voor. Eerst grote grove, en daarna steeds fijner. Nog dieper verkleurd de grond van het donkerbruin naar wat okerachtige lichter bruin.
De tweede boring laat een nog gelijkmatigere grondsoort zien. In de bovenlaag zitten enkele plantenresten. Hier is de klei nog plakkeriger en we hebben het ideee dat we er zo mee zouden kunnen boetseren. 
De derde boring is het zwaarst, vooral in het begin. Het is tussen het riet, vlak bij de roer.
Hier zitten eerst veel plantenresten in het water, waardoor het boren erg zwaar gaat. Daarna weer die dikke kleilaag. Wat dieper veranderd de bodem en het zandgehalte neemt toe.
Natuurlijk gooien we de gemaakte gaten weer netjes dicht.
Vlak voor we bij het pad komen waar we zijn begonnen, komen we bij een kleine stuw dat tevens een bruggetje vormt.

We wisselen elkaar af met boren. Er ontstaat een fijne samenwerking en goede sfeer. Leuk om zo deze middag te besteden. En wat is er enorm veel te leren en te zien.
Het was nog een hele klus voor Joost om de schijf populieren hout mee te nemen. Zwaar en een lompe vorm, maar we hebben hem.

Wat een middag!

Tot slot wil ik met jullie graag het foto album delen van Jos. Hij heeft [prachtige foto’s gemaakt. Ook Joke maakte foto’s.
Nog meer informatie over het Roerdal; www.eifelnatur.de
De kaarten die Joost had gevonden wil ik graag delen als afbeelding;






Samenvatting
Landschapselementen;
Water, riviertje de Roer, vennetje
Weiland, akkers, bomen
Grote boerderij
Klein kasteeltje/landhuis.
Afrastering d.m.v. struikgewas, bomen en draad.
Fauna; Beverratten, muskusratten, schapen, mollen, hazen.


Flora;
Elfenbankjes op stervend hout, mossen en kostmossen
Veldkers, hondsdraf, zuring, brandnetels, (kruipende) boterbloem, muur in bloei, en
Braam, biezen, pitrust, rietsoorten,
Bomen; eik, es en populier.
Waterplanten

tot hier het verslag voor de IVN. 
_________________________

Na dit avontuur in de Meulenberg gegeten met Joost en gezellig zitten babbelen. De juffrouw wilde eigenlijk net gaan sluiten, maar heeft toch nog voor ons gekookt. Ja, we waren de enige twee gasten. Van daaruit een dansavondje in Eindhoven. Al met al een prachtige dag!